De tentoonstelling laat zien hoe koffie symbool staat voor gezelligheid, troost en samenzijn, maar dat de koffiegeschiedenis tegelijk onlosmakelijk verbonden met kolonialisme en uitbuiting. Keramiek vormt, als stille getuige van deze geschiedenis, de rode draad. Voor de expositie worden de mooiste stukken uit de porseleinkast gehaald: van een Japanse kraantjeskan uit de 18de eeuw en Dutch Design tot een zwierige Rococo koffiepot van Delfts aardwerk. De voorwerpen en bijzondere verhalen weerspiegelen de verwevenheid tussen Europa, Azië, het Caribisch gebied, de Arabische wereld en het Afrikaanse continent, en laten zien hoe Nederland uitgroeide tot een echt koffieland met uiteenlopende gemeenschappen, rituelen en tradities.
Het verhaal van koffie in Nederland is breed. Om ook ruimte te bieden aan de vaak onderbelichte kant van de koloniale koffiegeschiedenis, heeft het keramiekmuseum het Nationaal Slavernijmuseum uitgenodigd als samenwerkingspartner. Zo zijn onder meer kostbare serviezen van plantage-eigenaren en diverse scheepsvondsten te zien, waaronder koffiebonen uit WIC-schip ’t Hart. Ook wordt zichtbaar hoe het harde leven op de plantages lange tijd werd verbloemd door ideaalbeelden van tropische natuur en vrolijke ‘arbeiders’ op koffieserviezen en -verpakkingen – en hoe dat nog steeds de beeldvorming in reclame-uitingen beïnvloedt. Daarnaast wordt stilgestaan bij de ervaringen van vrouwen, die een cruciale rol speelden in de koffieteelt, maar ook in het doorgeven van taal, kennis en tradities en het vechten voor vrijheden. Met deze verhalen worden bezoekers uitgenodigd om met een andere blik naar het alledaagse kopje koffie te kijken.