13-06-2019     Vandaag brengen de koning en de koningin een bezoek aan Trinity College Dublin. Bijzondere aandacht gaat uit naar de unieke bibliotheek met een Nederlandse achtergrond die verrassend nauwe historische banden heeft met het Huis Oranje-Nassau. Want zij behoorde tot de verzameling van de familie Fagel en was ooit te vinden in de tuin van Paleis Noordeinde.

Fagel Marot
 

bijzonder privilege

François Fagel was vanaf 1690 als griffier der Staten-Generaal één van de invloedrijkste ambtenaren van de Republiek der Nederlanden. Hij volgde zijn vader en grootvader op en werkte in totaal 64 jaar voor de Staten-Generaal. Daarnaast had hij heel goede banden met koning-stadhouder Willem III. Toen hij in 1707 aan hofarchitect Daniel Marot de opdracht gaf om een groot woonhuis op het Noordeinde te realiseren mocht hij gebruikmaken van een bijzonder privilege: de stadhouderlijke tuin, slechts door een gracht gescheiden van zijn eigen tuin, was met een bruggetje voor Fagel toegankelijk gemaakt. Deze tuin bood ook een prachtig decor als hij naar buiten keek vanuit zijn tuinpaviljoen, de koepel van Fagel.

francoisfagel
koepelfagel

koepel van Fagel

Het eenvoudige bakstenen gebouw verraadde aan de buitenkant niets van het spectaculaire interieur dat Marot samen met de schilder Mattheus Terwesten creëerde. Marot paste een hem zo bekende truc toe door een stuczoldering met hoge koof aan te brengen. Zo oogde het vertrek ruimer en nog glorieuzer. Bij binnenkomst van het paviljoen door een dubbele deur wordt de toeschouwer getroffen door één van de mooiste voorbeelden van de Nederlandse Barok. Geen stukje van het vertrek is onversierd gelaten. Muren en vloeren zijn gemarmerd in donkere kleuren met zwaar vergulde details.

Marot en Terwesten

Maar het is het plafond van Marot en Terwesten dat een zo overweldigende indruk maakt. Het thema van de tuin is verwerkt in allegorische schilderingen van de vier seizoenen. Guirlandes en druiventrossen lopen in stuc door in de kroonlijst om daarna weer op te gaan in de vlakke schilderingen. Geboetseerde voeten en billen van putti steken uit het schilderwerk van het plafond en panters leunen nieuwsgierig over de stuclijst. Deze bijzondere vorm van gezichtsbedrog werd in Italië veelvuldig toegepast, maar kende in de Republiek nauwelijks voorbeelden. Terwestens verblijf in Rome heeft wellicht als inspiratie gediend voor de uitzonderlijke uitvoering van dit plafond.

plafond
Fagel noordeinde

kleine boekerij

Het woonhuis aan het Noordeinde met een 26 meter lange sobere achtergevel en een uitvoerig gedecoreerd interieur in de hofstijl van Lodewijk XIV was door een lange galerij verbonden aan de koepel van Fagel. Deze galerij bood Fagel, fanatiek verzamelaar van ondermeer boeken, penningen en schilderijen, een prachtige locatie voor zijn omvangrijke bibliotheek. De ruime verzameling omvatte pamfletten, handschriften en boeken over politiek, recht, staatsinstellingen, geschiedenis, biologie, geografie, verslagen van ontdekkingsreizen, schilderkunst en talloze andere onderwerpen. In 1723 stonden in deze, zoals hij het noemde, ‘kleine boekerij’ circa 5000 exemplaren. Het ging Fagel niet om de prachtbanden maar vooral om de inhoud van zijn boeken. Hij vulde zijn collectie tot op late leeftijd aan.

Bibliotheca Fageliana

Op vier oktober 1746 stierf François Fagel ‘een zachte dood’. Zijn neef, Hendrik Fagel de Oude, die in zijn jeugd ook in het familiehuis op het Noordeinde woonde, volgde hem op als griffier der Staten-Generaal. Hij breidde de boekencollectie van zijn oom verder uit. Na zijn overlijden in 1790 erfde zijn kleinzoon de collectie. Hendrik Fagel de Jonge was het vijfde lid van de familie Fagel die het griffierschap op zich nam. In 1794 vertrok hij naar Engeland als Nederlandse gezant. Na de inval van de Fransen slaagde hij erin zijn kostbare verzamelingen stukje bij beetje naar Engeland te verschepen. Maar omdat Fagel niet meer door de Republiek betaald werd, was hij al snel genoodzaakt zijn bezittingen te verkopen. Nog voordat veilinghuis Christie’s in Londen de “Bibliotheca Fageliana” met meer dan 20.000 boeken zou veilen, werd vernomen dat “de kostbare Bibliotheek van den Hollandschen Griffier Fagel uit de hand is verkogt aan het Trinitary Collegie te Dublin”.

bibliotheca fageliana
proclamatie

Was getekend H. Fagel

Ook het huis op het Noordeinde werd verkocht. Toen de Prins van Oranje in de Nederlanden werd onthaald als souverein vorst was het Hendrik Fagel die als ‘agent’ van het Huis Oranje-Nassau naast prins Willem Frederik de proclamatie van 30 november 1813 ondertekende. Maar terugkeren naar het Noordeinde deed hij niet. In 1855 kwam het huis Fagel in bezit van de koninklijke familie. Toen koningin Emma het huis verkocht aan de gemeente kwam haar ter ore dat er een sloopplan bestond voor de galerij en de koepel. Ze besloot enkele onderdelen van de Marot interieurs over te brengen naar het Paleis Lange Voorhout en de gang gedeeltelijk af te breken. De koepel gaf zij cadeau aan haar dochter Wilhelmina. Na verschillende restauraties siert de koepel van Fagel in volle glorie de tuin van Paleis Noordeinde en zien wij nog steeds “het meest verfijnde voorbeeld van de Marot stijl in ons land”.